Het mysterie van de diamant

De diamant, de eeuwige edelsteen, a girl’s best friend. Een mysterieus stukje steen, geproduceerd door de aarde, met een speciale rol in de geschiedenis van de mensheid. Maar wat is een diamant precies, waar komt het vandaan en hoe belandt het in een juweel? Verrekijkers zocht het piekfijn voor je uit.

Het woord diamant komt uit het Oudgrieks: ἀδάμας, of adamas, en betekent ‘onverslaanbaar’. De diamant is het hardste materiaal dat in de natuur voorkomt. De steen bestaat uit pure koolstofatomen die in drie dimensies met elkaar verbonden zijn. Dit verklaart deels de hardheid van het materiaal, waar de diamant zijn naam aan dankt.

Enkel industrieel vervaardigde materialen, ook opgebouwd uit zuivere koolstof, zijn harder. De diamant wordt, naast het gebruik in sieraden, ook veel gebruikt in de industrie. Vanwege zijn hardheid is de diamant uiterst geschikt voor onder andere slijpen, boren, snijden en polijsten.

Het ontstaan van de diamant

Elke natuurlijke diamant is ontzettend oud. Ze zijn gevormd voordat de dinosaurussen op de aarde rondwandelden. De jongste diamant is 900 miljoen jaar oud, de oudste 3,2 miljard jaar. Diamanten worden gevormd onder intense hitte en druk waar de koolstof waaruit ze bestaan gekristalliseerd wordt.

De druk moet tussen de 45 en 60 kilobars en de temperatuur tussen 900 en 1300 graden Celsius zijn. Deze condities komen uit zichzelf alleen voor vlak onder de continentale platen in de aarde. De geschikte temperaturen kun je gewoonlijk vinden op 140 tot 190 kilometer onder de aardkorst. De combinatie van deze temperatuur en druk bestaat alleen in de dikke, oude en stabiele delen van continentale platen en is daarom enkel op specifieke plekken te vinden.

Diamanten worden gewoonlijk naar de aardkorst gebracht bij vulkanische activiteit. De magma stijft op en barst in kleine maar hevige vulkanen uit. Net onder dergelijke vulkanen is een wortelvormige buis, als een kegel, gevuld met vulkanisch gesteente en een aantal ingebedde diamanten. Deze buizen worden ‘kimberliet’ genoemd, naar de stad Kimberley in Zuid-Afrika, waar die buizen voor het eerst ontdekt werden in 1870. Deze buizen zijn relatief klein en zeldzaam, maar ze barsten in uitzonderlijke explosies uit.

De kimberlietmagma stijgt door de aardkost in netwerken van scheuren en dijken naar boven. De wortelvormige buizen vormen zich alleen dichtbij het aardoppervlak, wanneer gassen scheiden van het magma, waarna een gewelddadige uitbarsting volgt. De magma in de buizen dient als een soort lift die diamanten naar de aardoppervlakte brengt.

Diamanten worden in ongeveer 25 landen gedolven, op elk continent behalve Europa en Antarctica. In de 20e eeuw begreep men beter hoe diamanten ontstonden en werd er gerichter naar ze gezocht.

De diamant en de mens

Door de geschiedenis heen zijn diamanten lang een symbool van mystiek en intrige geweest, maar ook van macht en uiteindelijk liefde. In 2500 voor Christus werden diamanten in India al gedragen als sieraad. Ook in de Bijbel worden diamanten vermeld. Pas in de zesde tot vijfde eeuw voor Christus werden diamanten in Europa bekend, in de tijd van de oude Grieken. De Grieken droegen de kostbare edelsteen heel hoog in het vaandel, ze dachten dat het stukjes vallende sterren uit de hemel waren.

Pas in de Middeleeuwen werd de werkelijke monetaire waarde en zeldzaamheid van diamanten erkend. Hierdoor werd de diamant niet alleen het symbool van magische kracht, maar ook van welvaart. In de 15e eeuw gaf aartshertog Maximiliaan van Oostenrijk een diamanten ring aan Maria van Bourgondië, wat het begin betekende van de traditie van een diamanten verlovingsring.

Het moderne diamantslijpen, werd in 1456 uitgevonden door de Bruggeling Lodewijk van Berken. Dit betekende het begin van de diamantnijverheid in Brugge. Eind 15e eeuw verplaatste de havenactiviteit, en daarmee ook de diamantnijverheid van Brugge naar Antwerpen.

Tot de 18e eeuw werden diamanten alleen in India gedolven. Dit veranderde toen er in 1714 diamanten in Brazilië en in 1866 in Zuid-Afrika werden ontdekt. Eerst werd in Zuid-Afrika een vondst bij de Oranjerivier gedaan en kort daarna in de stad Kimberley. In 1888 werd daar de firma De Beers opgericht om de diamanthandel te controleren. Het bedrijf is nog steeds een van de meest invloedrijke diamanthandelaars ter wereld.

Bij de vondst in Kimberley begon de ‘diamantkoorts’ in Zuid-Afrika. Een maand na de ontdekking werkten er al twee- tot drieduizend man in de grote mijn in Kimberley, op zoek naar diamanten. Tussen 1871 en 1914 werd ‘The Big Hole’ gegraven, waar voor bijna drieduizend kilo (15.000 karaat) aan diamant ontgonnen werk gevonden werd.

De Beers kreeg in 1888 meteen al een monopolie over de werelddiamantmarkt, een monopolie die pas in 2005 zou eindigen. De Beers is vooral bekend om haar succesvolle advertentiestrategie rondom diamanten. Eén van de meest effectieve marketingstrategieën was de marketing van de diamant als symbool voor de liefde en toewijding, met de slogan ‘A Diamond is Forever’.

Tegenwoordig wordt 92 procent van de gedolven diamanten geslepen en gepolijst in India, vooral in de stad Surat. Ongeveer 85 procent van alle ruwe diamanten in de wereld gaan minstens één keer door Antwerpen, het diamantcentrum van de wereld. De top zeven landen die samen 80 procent van ’s werelds ruwe diamanten produceren zijn Botswana, Rusland, Zuid-Afrika, Angola, Namibië, Australië en de Democratische Republiek Congo.

De vier C’s

De waarde van een diamant wordt aan de hand van de vier C’s bepaald: karaat (carat), helderheid (clarity), kleur (colour) en maaksel (cut). Hoe hoger de diamant scoort in deze categorieën, des te hoger zijn waarde.

De karaat is het gewicht van een diamant: 0,2 gram is gelijk aan 1 karaat. De karaat heeft zijn oorsprong in een in de oudheid gebruikt standaardgewicht, dat van een zaadje van de johannesbroodboom. Hoe zwaarder de diamant, hoe meer karaat het heeft.

Een zuivere diamant is een diamant zonder onzuiverheden. Hier refereert de helderheid, of clarity, van een diamant naar. Een volledig zuivere diamant is uiterst zeldzaam, bijna alle diamanten bevatte onzuiverheden of ‘insluitsels’, sporen van andere materialen die tijdens het vormingsproces van de diamant in het mineraal gevangen werden. Gewoonlijk worden heel wat insluitsels verwijderd bij het kloven, zagen, slijpen en polijsten van een diamant.

De meeste diamanten zijn kleurloos, maar een klein percentage heeft levendige kleuren, die ‘fantasiekleuren’ worden genoemd. Zelfs de kleinste kleurvariatie kan al een verschil betekenen in de waarde van een diamant. Kleurloze diamanten zijn het populairst, maar hoe zeldzamer de kleur, hoe kostbaarder de diamant.

Het maaksel, of de cut, van de diamant vertelt iets over de kwaliteit van het slijpwerk. Het slijpwerk bepaalt hoe het licht dat in de steen valt reageert en dus hoeveel de steen zal schitteren. De essentie ligt in de juiste verhoudingen. Het slijpen wordt door middel van een exacte wiskundige formule uitgevoerd, waarbij de facetten van de diamant in precieze hoeken ten opzichte van elkaar worden geslepen. De bekendste formule voor de ronde briljant met 57 facetten werd in 1919 door de Belgische wiskundige Marcel Tolkowsky geïntroduceerd.

Een diamant bewerken

Het proces van het slijpen van een ruwe diamant is zowel een kunst als een wetenschap. De keuze van het maaksel wordt vaak beslist onder andere uitgaande van de oorspronkelijke vorm van de steen, de plekken waar insluitsels zitten en de populariteit van de mogelijke vormen. Op het moment dat een diamant in een juweel wordt gezet, heeft hij ongeveer de helft van zijn gewicht verloren ten opzichte van de oorspronkelijke ruwe steen. Er zijn vier fases in het diamantbewerkingsproces: markeren, kloven en zagen, snijden en slijpen.

Diamanten worden gemarkeerd om aan te geven hoe ze het best geslepen kunnen worden, vervolgens begint het kloven en zagen. Kloven is een techniek waarbij de diamant met één enkele slag wordt gespleten in twee of meerdere stukken, of om onzuiverheden te verwijderen. Zagen is een techniek waarbij de diamant tegen de kristallisatierichting in wordt gespleten.

Bij het snijden wordt de basis gevormd van een diamant. De steen begint al een beetje te lijken op de vorm die hij als afgewerkte diamant zal hebben. Vroeger werden diamanten manueel gesneden, maar tegenwoordig gebeurt dit meestal mechanisch. Als laatste wordt de diamant geslepen. Slijpen is een techniek waarbij de facetten op de diamant worden aangebracht. Het meest populaire slijpsel is de ronde briljant met in totaal 57 facetten.

Diamond_cut_history

Diamond cut history by Diagram by Juergen Schoner (July 2004), with English translation by Gregory Phillips. – Eigen werk. Licensed under CC BY-SA 3.0 via Wikimedia Commons

Bloeddiamanten

In sommige politiek onstabiele landen in Centraal- en West-Afrika, zijn diamantmijnen door rebellengroepen overgenomen. Diamanten worden door deze groepen gebruikt om andere operaties te financieren. Diamanten die door dit proces worden verkocht worden ‘bloeddiamanten’ of ‘conflictdiamanten’ genoemd. Door het kopen of doorverkopen van deze diamanten worden de rebellengroepen in deze conflictgebieden gesteund.

Het fenomeen kreeg de wereldaandacht toen er eind jaren ‘90 een extreem wreed conflict in Sierra Leone uitbarstte. In die tijd werd het aandeel van bloeddiamanten op 4 procent van de wereldwijde productie geschat. Bloeddiamanten zijn ook gebruikt om rebellen in Angola, Liberia, Ivoorkust, de Democratische Republiek Congo en Republiek Congo te financieren.

Tegenwoordig wordt de stroom van conflictdiamanten op minder dan 1 procent geschat. Sinds het Kimberly Proces van de VN in 2003, moet elke diamanthandelaar de garantie geven dat de diamanten die hij verhandelt in overeenkomst zijn met dit proces. Op deze manier verzekert hij dat hij geen bloeddiamanten verhandelt.

© 2015 – Verrekijkers Magazine – Lizet van de Kamp

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *