Dag van de waarheid voor het Verenigd Koninkrijk

Vandaag kiest het Verenigd Koninkrijk of het deel wil blijven uitmaken van de Europese Unie. Al maandenlang voeren de voor- en tegenstanders van de brexit, of British exit, hevig campagne om de publieke opinie aan hun kant te krijgen. Momenteel staan de twee kampen nek aan nek in de polls. Het referendum is de eerste van zijn soort in Europa. Maar waar gaat de volksraadpleging juist over?

Door Arno Van Rensbergen

 

Foto: Aljazeera

Foto: Aljazeera

Het Verenigd Koninkrijk was in 1960 één van de zeven lidstaten van de Europese Free Trade Association (EFTA). Ze kregen de ‘outer seven’ als bijnaam, terwijl de ‘inner six’ (waaronder België) de Europese Economische Gemeenschap vormden. Een land kon niet van beide handelsassociaties lid zijn, en dertien jaar later vervoegde het Verenigd Koninkrijk de EEG. De Gemeenschap vormde afspraken rond landbouw, transport, arbeid en economische relaties. De EEG ging in 1992 over in de Europese Unie, en het Verenigd Koninkrijk werd een lidstaat met grote politieke en economische autoriteit. Een supranationale verzameling van Europese landen, met een eigen wetgeving en een gemeenschappelijke interne markt, zag het licht.

 

Voor- en tegenstanders

Foto: Getty Images

Foto: Getty Images

De laatste jaren kwamen er op de Britse eilanden echter stemmen op voor terugtrekking uit de Europese Unie. Een punt van onvrede was de restricties op Britse wetgeving. De Britten voelden zich benadeeld en gepasseerd door het Europese parlement. EU-wetgeving gaat boven die van de lidstaten, en de inmenging van hogerop in binnenlandse politiek valt bij de Britten in slechte aarde. Ook de mogelijke inwisseling van de pound sterling door de euro is een doorn in het oog van Londen. Brussel verwacht dat alle lidstaten van de Europese Unie tegen 2020 de euro als munt doorvoeren. De euro staat echter meestal lager dan de pond, en de eenheidsmunt heeft sinds de financiële crisis van 2008 geen al te goede reputatie opgebouwd. Lidstaten met grote schulden, zoals Griekenland en Ierland, doen de onzekerheid alleen maar toenemen.

Ook immigratie is een heikel punt. Met de vluchtelingenproblematiek aan de grenzen van Europa komen er over het kanaal stemmen op om een strenger beleid rond immigratie op te zetten, zowel voor Europese als niet-Europese burgers.

Foto: The Times

Foto: The Times

De tegenstanders van de brexit, waaronder de Britse premier David Cameron, hebben het voorbije jaar geprobeerd enkele toegevingen van Brussel los te krijgen. Op deze manier hopen ze het Verenigd Koninkrijk om te vormen tot een lidstaat met een speciaal statuut, en toch bij de E.U. te blijven. De pond zou niet vervangen worden en de Britse regering zou grotere autonomie krijgen in wetgeving en immigratie. Cameron wilt van binnenin invloed uitoefenen op de Europese wetgeving, en zo meer gunstige wetten voor het Britse volk verkrijgen. Door zich af te scheiden van Europa, zou ook immigratie niet zomaar opgelost worden. Grenscontroles aan de Balkanlanden en Calais zouden zich verplaatsen naar het eiland, en zo de ver-van-bedshow een stuk dichter bij huis brengen.

 

Twee jaar tijd

Maar wat gebeurt er juist als het Verenigd Koninkrijk toch kiest te vertrekken? Volgens EU-regelgeving moeten lidstaten de Europese Raad eerst op de hoogte brengen van de geplande onafhankelijkheid, waarna de Europese Raad twee jaar de tijd heeft om een exit strategie te onderhandelen met de lidstaat. Daarna worden naargelang de onderhandelingen de banden met de Europese Unie doorgeknipt. Moest het Verenigd Koninkrijk de exit kiezen, dan verliest het land toegang tot Europese voordelen zoals de eengemaakte markt, waar goederen en personen vrij kunnen reizen, en het diplomatieke gewicht van de Europese Unie.

Een exit van het Verenigd Koninkrijk zou een zware klap zijn voor het Europese project. In Brussel vreest men dat het Britse referendum andere lidstaten zal aansporen dezelfde weg op te gaan. Doorheen de Unie komen hier en daar stemmen op voor een meer onafhankelijke koers, terend op een nostalgisch en nationalistisch gevoel. Een gevoel dat niet meer thuishoort in een wereld van globalisering, interculturaliteit en – jawel – een ‘ever closer union’.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *