Een afval-vrij leven

Tyche Beyens, studente aan het RITCS in Brussel, schrijft wekelijks haar pogingen tot een afval-vrij leven neer op haar blog ‘Tyche Goes Zero Waste’. Voor Verrekijkers legt ze uit waarom en hoe.   
De gemiddelde Amerikaan gooit per dag 1,57 gebruikte plastic rietjes in zijn vuilnisbak. Alle Amerikanen bij elkaar geteld, komt dat neer op ongeveer 127 van die filmische gele schoolbussen die per dag volledig gevuld kunnen worden met plastic rietjes. In 2008 werden er wereldwijd 437 miljoen condooms aangekocht. Daarvan belandde (dus diegenen die niet mysterieus verdwenen in de toiletafvoer) 1240 ton  bij het stort. De gemiddelde Vlaming produceert 146 kilogram restafval per jaar. Dat wil zeggen, afval dat volledig niet te recycleren valt en oftewel in de loop der eeuwen nooit zal afbreken.

 

De kerstmiscrisis 

Al deze getallen deden mij tot pakweg 24 December helemaal niets. Ik vond mezelf altijd wel een milieubewust persoon in hoe ik eten consumeerde, want ik at bijna geen vlees, kip of vis. Ik hoefde geen rijbewijs te halen want ik ging toch nooit een auto gebruiken in mijn leven, veel te slecht voor het milieu en duur. Maar over afval nadenken? Ja, goh, een beetje sorteren van tijd tot tijd, maar meer dan dat? Die plastic zakken die we wekelijks vullen met afval, die verdwijnen toch mysterieus naar een of andere afvalhemel?

Tijdens het kerstfeest van 24 December veranderde die naïeve gedachtegang plots. Dit mede mogelijk gemaakt door twee erg ontmoedigde nieuwsberichten waarbij het eerste ging over de Vlaamse consument die deze kerstperiode meer online aankopen had gedaan dan ooit tevoren. Het tweede ging dan weer over de temperaturen op de noordpool die 25 °C hoger lagen dan zou moeten. Terwijl de cadeaus werden uitgewisseld en verpakkingen van aller soorten mijn woonkamer vulde, besefte ik plots dat we in een hele gekke wereld leven. We leven in een wereld waarbij we gevoelens zoals liefde, eigenwaarde en appreciatie vervangen door wat er ervoor kunnen kopen of krijgen. En al die liefde is verpakt in plastic.

 

Een duikje in de plastieke Oceaan 

16936301_10211161512527239_202681528_oHet gaat natuurlijk niet enkel over cadeaus, het gaat over àlles. Want alles wat je in een gemiddeld winkelrek kan vinden, van jonge kaas tot een aubergine, van een mascara tot een bus shampoo, van een pakje papieren zakdoeken tot een pak koekjes, is verpakt in plastic. Een lichtgewicht, efficiënt in gebruik, extreem goedkoop en in ruil daarvoor onbetaalbaar voor die planeet waar we allemaal samen op leven. Ergens diep in de stille Oceaan pruttelt een alsmaar groeiende soep, met een poepsimpel recept: 90 % plastic. Die soep is ondertussen twee keer zo groot als de Amerikaanse staat Texas en als die blijft groeien zoals dat nu gebeurd, is de Oceaan tegen 2050 gevuld met nét zo veel plastic als dat er vis in de zee zit. Wat de gevolgen daarvan zullen zijn, is nog niet geweten. Maar hoe dan ook catastrofaal en daar moet je geen wetenschapper voor zijn.

16930335_10211161523407511_677384913_oWat er naast die plastic rietjes, die je bij je dagelijkse Ice-tea op café krijgt, nog in de Oceaan belandt, publiceert het ‘Ocean Conservancy’ jaarlijks in een verslag. Om een kleine samenvatting te geven van het verslag uit 2014: 1.685.422 etensverpakkingen, 940.170 plastic flesjes, 847.972 plastic dopjes en 389.088 plastic zakken zijn dat jaar uit de oceaan gevist en aangespoeld aan stranden wereldwijd. In totaal maakt dat 5604 ton afval. Maar de Oceaan is geen vacuüm met enkel water en afval, de oceaan is een biotoop waarin duizenden, vermoedelijk miljoenen soorten naast elkaar leven maar ook in die plastic soep worden gedraaid. Steeds meer spoelen er vogels en vissen aan wiens maag volledig gevuld is met plastic afval. Maar het hoeft zelfs niet zo groots te zijn. Alleen al die kleine Zeeuwse mossel die je op je bord geserveerd krijgt, zit vol deeltjes plastic. Smakelijk!

 

Wat nu dan?

Wat is de volgende stap naast deze angstwekkende cijfers, vraag je je misschien af; en dat was ook iets dat ik mezelf doorheen de kerstvakantie afvroeg. Eerst overwoog ik mijn spullen te pakken, het hoogstnodige weliswaar, en ergens in een hutje in Finland te gaan wonen waar ik zo weinig mogelijk CO2 zou gaan uitademen. Maar al snel zag ik in dat dat niet de oplossing ging zijn. Wat ik wel besloot te doen, was op onderzoek gaan naar hoe ik als consumerende particulier de kleinst mogelijke ecologische voetafdruk zou kunnen creëren. Totaal zelfvoorzienend kan ik helaas (nog) niet worden. Ik leef op een kot in een grootstad. Ik heb ooit een poging gedaan tot het verzorgen van een Basilicumplant maar zelfs de blaadjes die er al aan hingen bij aankoop, overleefden de week niet. Het antwoord ligt dan ook in een bewustwording van hoe we consumeren en zo kwam ik terecht bij een filosofie waar ik, vreemd genoeg, tot dan toe nog nooit over had gehoord, maar die wel in het bezit is van een eigen Wikipedia pagina: ‘Zero Waste’ of afval vrij leven.

 

De geboden van het afvalvrije leven

16935935_10211161511967225_1671691404_oDe ideologische grondslagen zijn simpel: produceer zo min mogelijk of geen afval. Met afval wordt alles bedoeld dat niet te recycleren valt en dus een verbrandingsoven ingaat of op een stortplaats beland. Maar ook spullen die na éénmalig gebruik al moeten gerecycled worden, zouden vermeden moeten worden. PMD is een ‘no-go’ want zoals bovenstaande cijfers helaas aantonen: dat plastic water flesje waar je niet zonder kunt, krijg heus niet altijd een tweede leven als fleecen trui. Papieren verpakkingen zijn technisch gezien toegelaten, maar eenmalige papierenverpakking blijft iets om te vermijden (wanneer er een alternatief is). Ook in het aankopen van producten die meer dan één keer worden gebruikt, gaat het erover om het meest duurzame materiaal te kiezen: herbruikbare materialen zoals glas, roestvrij staal en hout.

Meer en meer winkels schieten uit de grond die onverpakte producten verkopen of producten die volledig biologisch afbreekbaar zijn. In Antwerpen heb je ‘Robuust’, in Mechelen opent binnenkort ‘Kabas’ en in Brussel kan je terecht bij ‘Färm’ of ‘Chyl.’ Maar ook andere biowinkels verkopen vaak een kleine selectie aan onverpakte droge goederen. Plastic zakjes voor groenten en fruit zijn natuurlijk absoluut verboden. Een katoenenzakje dient als perfect alternatief. Voor zuivel en dergelijke is het de bedoeling zelf een doosje (of fles) mee te nemen naar de toog en het voorverpakte product in de supermarkt te vermijden. Het komt er dan wel op neer dat bepaalde etenswaren die we gewoon zijn om snel op te pikken in de winkel, nu vervangen moeten worden door een zelfgemaakte variant. Dat betekent voor de emo-eter dus geen impulsieve aankopen meer van Kinder Bueno’s op een rotdag. Maar als het een troost kan wezen: wel het perfecte excuus om wekelijks massa’s koekjes te bakken!

 

Eigen ervaring

img_02623Sinds 1 januari probeer ik zonder afval te leven. Dat lukt tot nu toe gemakkelijker dan ik ooit had durven dromen. Ik sta ervan versteld hoeveel alternatieven er bestaan. Kleine dingen, zoals een linnen broodzak gebruiken, maken al zo’n ontzettend groot verschil. Daarbij heb ik niet het warm water uitgevonden: er is overal online informatie te vinden om je te begeleiden bij een afval-vrij leven. Hele lijsten van alternatieve producten en verzorgings-recepten vind je bijvoorbeeld op het blog ‘Trash is for Tossers’ van Lauren Singer, een jonge New-Yorkse die haar leven heeft toegewijd aan het produceren van onverpakt wasmiddel. Haar blog was bijvoorbeeld ook de inspiratie voor de verpakkingsloze winkel Robuust. In Nederland leidt het blog ‘Emma + John’ dan weer de Zero waste movement die, naast handige tips, ook recepten delen die zonder afval gemaakt kunnen worden. Het zorgt ervoor dat ik niet alleen maar bewuster met afval omga, maar ook met de voeding die ik aankoop. Ik heb de afgelopen twee maanden nog nooit zoveel gekookt in mijn leven. Het plezier om een volledig verpakkingsloze maaltijd te creëren, werkt zeer verslavend. Het helpt ook dat ik er af en toe over schrijf in mijn blog. Zo blijf ik continue mezelf en mijn omgeving ook een beetje eraan herinneren waarom ik hiermee begonnen ben.

Maar het is natuurlijk niet altijd gemakkelijk. Er zijn momenten dat afval me wordt opgedrongen en er geen keuze meer is. Wat doe je bijvoorbeeld als je verslagen door de griep in bed ligt en hunkert naar een pijnstiller? Of wat als je op café plots een plastic beker in de handen wordt geduwd bij het bestellen van een pint? Dan wordt het een kwestie van wikken en wegen. Gezondheid gaat altijd voor, maar voor de pint moet je het positief bekijken: eindelijk het perfecte excuus om alleen nog maar Duvels recht van de fles te drinken. Het doel is dan ook afval bewust leven op die vlakken waar het wél gaat en zo zijn er wel wat. Ik ben nog steeds bezig met de producten die ik voor 1 januari had aangekocht, op te maken. Ik heb geprobeerd zoveel mogelijk uit te delen, maar niemand heeft wat aan een half-opgedroogde mascara. Ik heb dus wel een glazen pot waarin in m’n afval verzamel, maar dat is op dit moment nog niet helemaal representatief voor wat het afval-vrije leven zou kunnen zijn.

 

Een nabeschouwing

Wat ik ook wel belangrijk vind om te vermelden, is dat het niet enkel onze verantwoordelijkheid is als individu om de afvalberg te beperken. Ik wil me als consument aanpassen omdat ik en mijn ecologische idealen daarbij passen en ook omdat ik een nogal ‘alles of niets’ mentaliteit heb die me soms ver brengt en me soms ook weer mijlenver naar achter katapulteert. Maar de grootste verantwoordelijkheid ligt nog steeds bij de overheid en het blijft een politieke kwestie. Alleen heeft de rampzalige wereldpolitiek van de afgelopen maanden ons genoeg aangetoond dat die niet altijd onze stem vertegenwoordigt. Omstreeks juni was er sprake van het idee om tegen 2020 de 146 kilogram restafval per Vlaming terug te voeren tot 130 kilogram. Dat is al heel goed, maar kan enkel slagen als we allemaal eens nadenken over hoe vaak we gedachteloos consumeren. Het ‘vraag en aanbod’ excuus, blijft van kracht telkens jij iets verpakt in huis haalt. Om hoopvol af te sluiten: je hebt verantwoordelijkheid, maar dat betekent dus ook dat jij iets kan veranderen!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *