Dierenrechten als mensenplicht ?

 

 

“Barber Shop with Monkeys and Cats”, Abraham Teniers (1629-1670)

“Barber Shop with Monkeys and Cats”, Abraham Teniers (1629-1670)

 

Ik nodig u uit, beste lezer, om mee na te denken bij het lezen van deze tekst en objectief de vragen die ik oproep te bespiegelen. Dit artikel is namelijk allesbehalve een aanzet tot het zaaien van tweedracht of een poging tot het wijzen van een beschuldigende vinger. Ik tracht enkel uw gezichtsveld enigszins te verbreden aangaande de penibele plaats van dieren in de wereld waar wij deel van uitmaken en waar wij, zo geloof ik, ook verandering in kunnen brengen.

Door Eleonora Paklons

Enkele bedenkingen met betrekking tot onze omgang met dieren

Al zolang ik me kan herinneren heb ik de ogen van dieren en de ogen van mensen op dezelfde manier ontmoet met mijn ogen. Ik maakte nooit een onderscheid tussen de aanblik van een gestippelde hond die mijn weg kruiste op het voetpad en die van een begeesterde klasgenoot tijdens een spelletje voetbal. In die ogen meende ik een hele waaier aan intrigerende gevoelens af te kunnen lezen en het heeft me dan ook altijd verbaasd dat dieren in onze wereld enkel als het ons goed uitkomt als gevoelswezens behandeld worden. Ik zag lange tijd geen tegenstrijdigheid of denkfout in het daarna zorgeloos verorberen van een bord varkensribbetjes. Hoe komt dit? Waarom wenkt een klein kind de zwartgevlekte koe in de wei en hoezo drinkt het daarna als slaapmutsje een glas warme melk afkomstig van een andere koe wiens ogen veelal nooit het daglicht zullen ontmoeten? Vanaf onze eerste stappen op deze aarde wordt ons in de oren geknoopt dat dieren onze vrienden zijn. Dieren als voedsel op ons bord vormen echter een parallelle verhaallijn, zo ontstaan er twee aparte denksystemen die nooit met elkaar schijnen te overlappen. Het dode dier dat ligt te sudderen in een ambachtelijk bereid stoofpotje, is helemaal geen dier. Het dier dat op onze eettafel belandt, wordt als het ware ontdaan van zijn ziel. Welbeschouwd zijn deze twee denkbeelden, als je er even bij stilstaat, toch onverzoenbaar? Sommige viervoeters worden namelijk verheven tot onaantastbare gezelschapsdieren en anderen worden levenslang opgesloten en enkel benaderd als object van zinnelijk genot. Hebben dieren in onze maatschappij überhaupt enige rechten die niet slechts vanuit willekeur rondgestrooid worden?

Als de mens dan daadwerkelijk zo superieur is omwille van haar intellect, kan ze deze begaafdheid dan niet voor nobelere doeleinden inzetten? Op die manier zou ze de legitimiteit van haar positie in deze wereld tenminste enigszins kunnen staven. Worden we misschien misleid door onze oerinstincten die ons nopen tot overleving? Dwingen deze ons tot het maken van zoveel mogelijk winst ongeacht de zaken die onze omgeving moet doorstaan opdat wij die Hoorn des overvloeds kunnen bemachtigen? Ik ben er rotsvast van overtuigd dat de mens nog enige vrije wil bezit en beschikt over rationeel verstand. Door deze schatten vaardig aan te wenden, komt hij toch logischerwijs tot de conclusie dat al die schadelijke overdaad, overbodig is? En in het bijzonder dat het vele lijden dat er onlosmakelijk aan verbonden is, vermeden kan worden? Ons bodemloze vat aan kostbare wijsheid waarin denkers gedurende onze gehele geschiedenis feiten en ideeën geworpen hebben, bevat vast en zeker een oplossing voor dit probleem. We kunnen overleven zonder dierlijke producten en zelfs een langer en gezonder levenspad bewandelen door deze levensstijl de onze te maken. Het voedsel dat deze dieren consumeerden, kunnen we bijgevolg eerlijker verdelen over de wereldbevolking en verdere ontbossing tegengaan. Bovendien kan er volgens mij hoe dan ook geen vrede zijn tussen mensen als eender welk levend wezen systematisch onderdrukt wordt. Is dit dan niet waar we uiteindelijk allemaal naar streven, naar harmonie? Is wat wij eten voorts niet doordrenkt van negatieve gevoelens, wenden we de doodsangst van dieren verdoemd tot onderwerping dan niet aan als energie voor onze dagelijkse bezigheden? Hoe kan men vreedzaam zijn als men deze stille oorlog, die elk moment van de dag tevergeefs gestreden wordt, ontkent? Onze wereld zou er goed aan doen deze boosheid en negatieve energie eindelijk overboord te werpen en definitief in harmonie te leven met haar omgeving. Het is toch eigenlijk slechts een kwestie van respect? Hetzelfde geldt voor mensenrechten. Zolang er groepen zijn die verkondigen dat zij meer rechten verdienen dan andere groepen en deze zogenaamde tweederangsburgers vervolgens onderwerpen aan hun gezag, kan er geen sprake zijn van rechtvaardigheid. Waarom zouden dieren niet gewoon als een ‘andere groep’ beschouwd kunnen worden, evenwaardig aan de menselijke soort? Ik vraag me altijd af waar die zucht vandaan komt de spierballen voortdurend te ontbloten en de zachtere stemmen te smoren met leeg geschreeuw. Waar zit het onderscheid uiteindelijk als we onze trots even opzijleggen en toegeven dat varkens, koeien, schapen, kippen, om er slechts enkele te noemen, ook verdriet en blijdschap voelen? Is het niet onze plicht voor de zwakkeren in de bres te springen opdat de levenskwaliteit van alle aardbewoners erop vooruitgaat?

Volgens mij komen deze tegenstrijdige gevoelens die eigen zijn aan de meeste mensen vandaag de dag voort uit permanente blootstelling aan manipulatie door industrieën die zwemmen in zeeën van geld dankzij hun lafhartige praktijken. We maken ons zelf maar al te graag wijs dat het doodnormaal is om een pannenkoek te eten, hoewel voor het maken van dit heerlijke gerecht de maandstonden van kippen en de moedermelk van koeien wordt aangewend. Is dit niet vreemd? Des te eigenaardiger is het dat we onze neus ophalen voor ‘onnatuurlijke’ alternatieven als melk gewonnen uit planten en roerei op basis van tofu. Als we in onze huidige grootsteden als het ware bij het omslaan van elke straathoek struikelen over deze vele uitwijkmogelijkheden, waarom weigeren we dan resoluut de overstap of zelfs maar de poging tot ommezwaai? Deze producten zijn volledig vrij van dierenleed, menigmaal duurzamer voor het milieu in het algemeen dan dierlijke producten en zijn in smaak niet te onderscheiden van hun dierlijke tegenhanger. Is er dan heel waarschijnlijk geen sprake van een niet al te onzichtbare hand die de massa verhindert mee op de kar te springen? Het staat buiten kijf dat mensen vaak gemotiveerd worden tot moreel bedenkelijk gedrag omwille van winstbejag. Waarom bestaat er dan zo een groot taboe rond het erkennen van lobbygedrag door de vleesindustrie, de melkindustrie, de eierenindustrie enzovoort? Waar hebben zij deze uitzonderingsbehandeling aan te danken, hoe slagen zij erin het protest tegen de onrechtvaardigheden die zij dagelijks begaan, de mond te snoeren?

Ikzelf ben veganistisch. “Nu komt de aap uit de mouw”, zal u wel denken maar dit betoog is helemaal geen propaganda om mijn eigen doeleinden te dienen, maar een verzoek tot medeleven met onze doofstomme vrienden. Vaak noemen mensen aan wie ik vertel over mijn levensstijl deze extreem. Ze drukken me op het hart dat het jammer genoeg helemaal geen verschil maakt of ik enkel plantaardige producten consumeer of ook af en toe een vorkje vlees mee prik. Ik vraag me dan af of deze mensen überhaupt geloven in individualisme en in het feit dat wij als personen wel degelijk de touwtjes in handen kunnen nemen wat betreft ons eigen leven. Met name over ons gevoelsleven. Zelfs al zou een veganistische levensstijl geen verschil maken, zelfs al is het maar een druppel in de oceaan, -wat het voor alle duidelijkheid niet is- ik voel me schatplichtig aan mezelf om mijn principes te volgen, om principes te hebben. Hoe zouden wij anders ons DNA kunnen uitdrukken en rechtmatig onze eigen persoon als uniek mensenkind beschouwen? Is dit niet net wat men zo mooi “zingeving” noemt? Is het niet net navolgenswaardig om te vechten voor idealen, zeker als dit vreedzaam gebeurt? Dikwijls maalt daarom ook de vraag door mijn hoofd waarom er zoveel irritatie en zelfs haat bestaat jegens planteneters. Als wij onze boodschap met zij die ons het oor lenen, wensen te delen, wat precies is hier dan mis mee? Net deze verreikende irritatie die vegetariërs teweeg brengen, onderstreept hoe diep het nuttigen van dierlijke producten geworteld zit in ons verleden en heden. Met de neus gedrukt worden op deze notie van tegenstrijdigheid, tussen dieren als levende wezens en dieren als objecten, ontketent verontwaardiging en zelfs woede in velen van ons.

Toch denk ik dat het loont regelmatiger open te staan voor standpunten die op het eerste zicht niet stroken met je eigen overtuigingen. In discussie treden kan leiden tot verhelderende inzichten en dat is dan ook de reden dat ik dit opiniestuk wou schrijven. Om op die manier enige stof tot nadenken te verspreiden die misschien solidere gevoelens van compassie kunnen helpen opwekken.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *