Hoe maken we van een poppenkast weer een betrouwbare democratie?

De westerse wereld draagt de democratie al tijden hoog in het vaandel. Tegenwoordig is enkel nog je leeftijd van belang om te bepalen of je kiesgerechtigd bent. En na anderhalve eeuw voor dat recht gevochten te hebben, moeten we daar blij mee zijn ook! Maar is dat wel zo? Zorgt het feit dat iedereen mag stemmen daadwerkelijk voor een betere democratische samenleving?

Door: Esmée Koeleman

De Britse filosoof en schrijver Alain de Botton probeert de ideeën van klassieke en moderne filosofen begrijpelijk uit te leggen. Interessant voor ons is een dialoog van Plato waarin Socrates’ redenering over de democratie aan bod komt. Als we Socrates bovengenoemde vraag stellen, is het antwoord duidelijk: zomaar iedereen laten stemmen die oud genoeg is, garandeert geen betere democratie. Socrates vergelijkt de samenleving met een schip. De vraag stelt zich vervolgens: wie kan het best bepalen welke persoon de kapitein van het schip wordt? Mag iedereen dat zomaar bepalen? Of laat je de keuze enkel over aan mensen die weten welke kwaliteiten een goede schipper moet bezitten? Als je dat laatste kiest, vraagt Socrates zich af: “Waarom blijven we dan denken dat een willekeurige oude persoon geschikt is om te bepalen wie over een samenleving regeert?”

Zomaar iedereen laten stemmen die oud genoeg is, garandeert geen betere democratie.

illustratie: Malissa Koeleman

 

Onbetrouwbaarheid, leugens en misleiding

Iedereen het recht geven om te stemmen maakt een samenleving juist kwetsbaar. Politici zijn experts in het vertellen wat burgers willen horen. Ze kunnen met retorische middelen, stereotyperende beeldvorming en ongegronde beweringen de volksmassa opjagen. Uitzonderlijke gebeurtenissen worden tot in het extreme uitvergroot of omgebogen om standpunten te versterken – regelmatig met behulp van stigmatiserende berichtgeving in de media. Neem nu een steekpartij op het terras van een café in Groningen waarbij drie mensen gewond raakten. Senator Marjolein Faber van de Nederlandse Partij van de Vrijheid (een partij die bekend staat om haar anti-immigratie en anti-islam standpunten) stuurde de dag nadien de volgende tweet de wereld in:

Man steekt 3 mensen neer op gezellig terras van De Drie Gezusters in Groningen. Wat u van de media niet mag weten: de verwarde man heeft een Noord-Afrikaans uiterlijk (volgens betrouwbare bron) en heeft kennelijk een hekel aan bier.

Anderhalve week na dit incident kwam het Openbaar Ministerie ertussen en corrigeerde het bericht van de senator. De dader bleek helemaal geen Noord-Afrikaans uiterlijk te hebben: hij was een 67-jarige, blanke Groninger. In deze zaak kon je tamelijk gemakkelijk door het nepnieuws heen prikken, omdat de dader al opgepakt was en het parket zich met de zaak bemoeid heeft. Helaas kunnen we tal van andere voorbeelden noemen waarbij dit niet het geval is, en de onzekerheden over zulke zaken misbruikt worden in het voordeel van politieke agenda’s
illustratie: Malissa Koeleman

De oplossing van Socrates

Socrates zag in de 5eeeuw v.C. al hoe politici door gladde praatjes aan de haal gingen met de goedgelovige burgers. Politci gebruiken krachtige beweringen om in te spelen op onze emoties en proberen zo onze politieke overtuigingen te beïnvloeden. Of die beweringen gegrond zijn, is dan nog maar de vraag. Een rationele en autonome keuze maken in tijden van verkiezingen wordt door alle politieke misleidingen haast onmogelijk. De eindeloze stroom aan (mis)informatie die we dagelijks voorgeschoteld krijgen, maakt het ons nog lastiger. We kunnen bijna niet meer weten wat ‘waar’ is en wat niet. Tenzij we leren om hierover na te denken, om zo de trucs van politici op te sporen en om te kunnen doorgronden wat iemand tot een goede politieke leider maakt.

Ongeïnformeerde mensen worden makkelijker verleid tot het verkiezen van politici met slechte bedoelingen: demagogen. Het verkiezen van zulke leiders komt een samenleving, volgens Socrates, niet ten goede. In onze geschiedenis zijn er echter overwegend veel demagogen verkozen. En dat is, in Socrates’ ogen, te danken aan het feit we mogen stemmen als we oud genoeg zijn in plaats van vaardig genoeg.

Enkel wie weet wat een goede schipper is en dus hoe je demagogen van goedwillige politici kan onderscheiden, draagt iets bij aan een democratische samenleving. Alleen zo zorg je ervoor dat politici verkozen worden op basis van hun capaciteiten, niet op basis van misleidende campagnes of willekeurige intuïtie. De Botton pleit er daarom voor dat die democratische vaardigheden aangeleerd moeten worden in het onderwijs.

Een hedendaagse oplossing

Socrates laat ons kritisch kijken naar de huidige stand van zaken. Of het aanleren van dergelijke vaardigheden daadwerkelijk een betere democratische samenleving oplevert met eerlijke en betrouwbare leiders, valt nog te betwijfelen. Ook filosoof Naomi van Steenbergen is zich bewust van de gevaren die het huidige democratische systeem met zich meebrengt. De campagnes van de Brexit en de verkiezingen van Donald Trump hebben misbruik gemaakt van het vertrouwen dat de burgers Johnson en Trump gegeven hebben. In die campagnes werden er namelijk beloftes gedaan die niet zijn nageleefd. Doordat zulke politici en politieke campagnes misleidende informatie verspreiden, kunnen burgers geen autonome keuze meer maken. Ze kunnen onmogelijk weten waar ze daadwerkelijk op stemmen. Hierdoor komt niet alleen de autonomie van burgers in het geding, maar wordt ook het vertrouwen tussen burgers en vertegenwoordigers geschaad. En dat terwijl vertrouwen, volgens Van Steenbergen, van fundamenteel belang is voor een goed werkende democratie.

Deze filosofe sluit zich niet aan bij het idee van Socrates om het stemrecht te koppelen aan het intellect in plaats van aan een leeftijd. Om burgers te beschermen tegen bedrieglijke politici en om de autonomie en het vertrouwen van de burgers weer in ere te herstellen, heeft Van Steenbergen een andere oplossing bedacht. Zij oppert namelijk het idee voor een nieuw mensenrecht die een betere democratische samenleving moet garanderen: het recht om niet misleid te worden.

Betrouwbaarheid ligt aan de basis

Als dit mensenrecht daadwerkelijk van de grond komt, zijn de socratische maatregelen niet meer van belang. Hoewel het aanleren van democratische vaardigheden zeker geen kwaad kan, zou dit niet mogen bepalen of je wel of niet stemgerechtigd bent. Een betere democratische samenleving begint bij meer vertrouwen door betrouwbaarheid, en daar draagt het systeem van Socrates niet aan bij. In zijn systeem kunnen politici nog steeds burgers misleiden. Daarbovenop komt nog dat een certificaat van stemvaardigheid niet automatisch betekent dat je áltijd in staat bent om door een leugen heen te prikken. Het vertrouwen in de politiek wordt op deze manier niet vergroot, maar neemt juist af. Je moet namelijk elke politicus en elke bewering wantrouwen, totdat je genoeg informatie verzameld hebt om de juiste conclusies te trekken. Een democratie van intellectueel stemrecht leidt tot scepticisme, en dat is precies wat we niet willen in een democratie.

Vertrouwen door betrouwbaarheid is wat we nodig hebben om de democratie te laten opbloeien.

Het recht om niet misleid te worden is er daarentegen op gericht om het vertrouwen in de politiek te vergroten door politici betrouwbaarder te maken. Als burgers niet misleid mogen worden, weten ze dus dat wat een politicus beweert waar moet zijn. Beloftes moeten bijgevolg worden nageleefd, waardoor het vertrouwen eveneens toeneemt. Daarnaast wordt de autonomie hersteld doordat burgers een keuze kunnen maken die gebaseerd is op correcte en betrouwbare informatie. Vertrouwen door betrouwbaarheid is wat we nodig hebben om de democratie te laten opbloeien. Dit mensenrecht kan daar aan bijdragen. De wantrouwende houding vernietigt ook volgens de Amerikaanse filosoof Onora O’Neill juist het vertrouwen:

“Plants don’t flourish when we pull them up too often to check how their roots are growing. Political, institutional and professional life too may not go well, if we constantly uproot them to demonstrate that everything is transparent and trustworthy.”

Esmee Democratie illustratie 3We moeten de politiek dus niet beschouwen als een grote poppenkast, waarbij we tevens eerst moeten ontcijferen wie de speelpoppen zijn om er vervolgens achter te komen wie of er aan hun touwtjes trekt. Dit is geen basis voor vertrouwen, en dus geen basis voor een goede democratie. Het idee van een nieuw mensenrecht kan echter wel bijdragen aan deze basis. Want om de politiek meer te gaan vertrouwen, moeten de politici eerst te vertrouwen zijn.

Illustraties: Malissa Koeleman

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *